Erfelijke aandoeningen bij poedels

Gezondheid voorop

We doen er niet geheimzinnig over: ook bij poedels komen rasspecifieke afwijkingen voor. Voor een aantal van deze afwijkingen zijn tests beschikbaar waardoor goede fokkers de verspreiding zo beperkt mogelijk trachten te houden. Met als doel een zo gezond mogelijk ras te fokken.

DNA-test

Dit is een test aan de hand van speeksel, bloed enz. waarbij voor een bepaalde afwijking door onderzoek op het het DNA-materiaal onderscheid gemaakt kan worden tussen lijders (honden die het hebben/krijgen) en dragers (honden die het niet krijgen maar wel vererven).
Sinds enkele jaren wordt er van alle ouderhonden en puppies DNA afgenomen zodat de afkomst niet in twijfel getrokken kan worden.

Verklaring van gebruikte termen

Een goede poedelpup heeft een gezonde vader en een gezonde moeder. Gezondheid zit de ouders letterlijk en figuurlijk in de genen. Toch kan het dat één van beiden drager kan zijn van een bepaald gen, dat mogelijk kan worden overgedragen aan de pups en mogelijk zou kunnen leiden tot een afwijking.

In de puppylijst kun je van zowel de vader als de moeder een aantal testuitslagen zien.

Het ziet er zó uit:

uitslagen voorbeeld

Vrij” betekent dat de afwijking niet is gevonden, en “positief” dat de afwijking zodanig ernstig is dat met de desbetreffende hond niet mag worden gefokt.

Dan nog enkele moeilijke termen die betrekking hebben op overerving:

autosomaal recessief

Dit houdt in dat een afwijking bij zowel reu als teef kan voorkomen en dat een pup 2 defecte genen nodig heeft om de afwijking te kunnen ontwikkelen. De pup moet dus van iedere ouder één defect gen erven.

autosomaal dominant

Dit houdt in dat een afwijking bij zowel reu als teef kan voorkomen en dat een pup maar één defect gen (van één van de ouders) nodig heeft om 50% kans te hebben om de afwijking te kunnen ontwikkelen.

De overige begrippen en aanduidingen in het rapport worden hieronder nader verklaard bij de uiteenzetting over de afwijkingen.



Onderstaande aandoeningen kunnen worden vastgesteld d.m.v. van een DNA-test


Onderstaande aandoeningen komen bij poedels voor, maar helaas:  het is nog niet met een DNA onderzoek vast te stellen


Conclusie

Laat je door bovengenoemde afwijkingen niet afschrikken. Het is namelijk een goede zaak dat je als aankomend eigenaar van deze erfelijke aandoeningen op de hoogte wordt gesteld. Vraag bij het eerste bezoek aan de fokker naar de uitslagen van de ouderdieren. Kan hij deze niet overleggen dan moet je je afvragen of je op het juiste adres bent voor de aanschaf van een pup.

De NPC doet wat in haar vermogen ligt om de rasspecifieke aandoeningen zoveel mogelijk binnen de perken te houden en liever nog te voorkomen.

De bij de club aangesloten fokkers dienen zich daarom aan het fokreglement te houden.

Voor de kwaliteit van fokkers die – om welke reden dan ook - niet bij de NPC zijn aangesloten kunnen wij daarom niet instaan.

Aanbeveling

Als je pup/hond iets mankeert, b.v. een ontstoken oog, of er prikt een tandje in het gehemelte, buikpijn, vage klachten of ander ongemak, bel dan gerust met de fokker waar jouw hond vandaan komt.

Onze fokkers hebben jarenlange ervaring en zij kunnen je prima adviseren, alvorens er onomkeerbare beslissingen worden genomen.

Nog meer weten over honden en hun gezondheidsproblemen?

Wij vonden (toevallig) nog een interessante site: dierenkliniek Kenaupark in Haarlem. Met dank voor hun inspanningen om dit bij elkaar te brengen!

Klik hier om daarvan te profiteren.

Purple Line

up

Verzend via FacebookVerzend via Google PlusVerzend via Twitter